Biljartwedstrijd in het Ontmoetingscentrum
Biljartwedstrijd in het Ontmoetingscentrum Foto: Joost Duppen

Volop ideeën tijdens startbijeenkomst Ontmoetingscentrum Beek en Donk

Nieuws

BEEK EN DONK  – ‘Zorg voor een gastvrije ontvangst.’ ‘Maak het niet te duur, zodat kleine verenigingen hier ook kunnen komen.’ ‘Gebruik veel glas, zodat dorpgenoten kunnen zien waar je mee bezig bent.’ Suggesties waren er volop tijdens een bijeenkomst dinsdagavond over het nieuw te bouwen Ontmoetingscentrum in Beek en Donk.

Door Wim Poels

Het Ontmoetingscentrum in Beek en Donk is aan vernieuwing toe. Afgelopen voorjaar koos de gemeenteraad definitief voor nieuwbouw en tijdens de begrotingsbehandeling later werd er ruim 13 miljoen euro voor het project uitgetrokken. Onlangs werd bekend dat architectenbureau LIAG uit Den Haag het gebouw gaat ontwerpen.

Om dat goed te kunnen doen, is het belangrijk te weten wat de potentiële gebruikers van het gebouw verwachten. Met dat in het achterhoofd hielden gemeente en architectenbureau dinsdag een startbijeenkomst waar inwoners werden bijgepraat en zelf konden vertellen waar ze behoefte aan hebben. Zo’n 35 mensen maakten gebruik van die mogelijkheid. Daaronder waren de nodige politici, mensen die betrokken zijn bij gemeenschapshuizen en een enkele vertegenwoordiger van een vereniging. Voor de verenigingen en andere gebruikers is er komende week een aparte bijeenkomst.

In een korte presentatie maakten architect Carina Nørregaard en bouwadviseur Harmen Landman van LIAG duidelijk wat hun visie op het toekomstige gebouw is. Het Ontmoetingscentrum moet in hun ogen functioneel zijn, flexibel en duurzaam. Het moet ook herkenbaar en eigen zijn voor de mensen die het gebruiken, de Beek en Donkse gemeenschap dus. En dat alles natuurlijk op een manier die past bij het budget. “Het doel is geluk”, stelde Nørregaard.

Een concreet ontwerp konden ze natuurlijk nog niet laten zien. Wel gaven ze in schetsen een richting aan. Daarbij viel vooral op dat de architecten houden van veel licht en het nodige groen binnen.

Na de presentatie kwamen de bezoekers in groepjes bij elkaar om te discussiëren. ‘Wat is nou typisch Beek en Donks’ bijvoorbeeld. Volgens sommigen is het al een verkeerde vraag. “Het is of Beeks, of Donks”, zegt iemand. “De boeren tegen de industriëlen.” “Iedereen heeft zijn eigen plekje. Het samen doen zit er niet zo in”, klinkt het.

Om dat te verbeteren, zou het nieuwe Ontmoetingscentrum volgens hem een open gebouw moeten zijn, waar je kunt zien wat anderen doen. En misschien zijn Beek en Donkenaren van nature wel wat passief. Daarom is het misschien ook niet zo druk vandaag, denkt een van de groepsleden. “Dat Ontmoetingscentrum komt er toch wel.”

Dat laatste komt in meer groepjes naar boven. “In het begin hadden we vaak 300 bezoekers bij de concerten in de muziektuin, nu zo’n 150”, zegt een van de organisatoren van die concertreeks. In een nieuw Ontmoetingscentrum zullen dus aansprekende activiteiten moeten worden georganiseerd. Een ander waarschuwt dat je daarmee ook op moet passen. “Stel dat je theater gaat doen, dan wordt het in Lieshout geheid minder”, voorspelt iemand. Na even nadenken komt het groepje met de suggestie van een bioscoop. Die was er vroeger in het dorp, maar is nu in heel Laarbeek niet meer te vinden.

In een ander groepje gaat het over de uitdagingen voor het nieuwe Ontmoetingscentrum. Naast zaken als parkeren (‘we hebben eigenlijk een hele parkeerplaats voor scootmobiels nodig’) en de inpassing in het groen is dat volgens de bezoekers toch vooral het aansluiten bij de gemeenschap. “inwoners moeten zich er thuis voelen. Dat betekent een gastvrije ontvangst. Niet te futuristische architectuur. En een goede prijs-kwaliteitsverhouding. Want als de kaartclub te veel geld kwijt is, komen de leden wel ergens achteraf bij elkaar.”

Iemand haalt zelfs aan dat er 45 jaar geleden nogal wat creatieve jeugd was in Beek en Donk. “Zou een handvaardigheidslokaal niets zijn?”, vraagt hij zich af. De meeste bezoekers van de avond zijn al aardig op leeftijd. “Ik ben zo benieuwd wat de basisschooljeugd zou vinden”, verzucht iemand.

Volgens wethouder Monika Slaets krijgt ook de jeugd een plekje in het nieuwe gebouw. Met een aantal jongeren heeft ze al contact. “Ze willen ook meehelpen met het schilderen en inrichten van hun ruimte. Zo hopen we dat het echt iets van hen wordt”, legt ze uit.

Het is de bedoeling dat er rond de zomer een ontwerp is. In januari volgend jaar zou de gunning plaats moeten vinden. Als alles meezit, kan kort daarna de schop de grond in.