
Joan Briels neemt na 20 jaar afscheid als wethouder in Laarbeek
‘Ieder mens wil ertoe doen’
LAARBEEK - Hij wisselde regelmatig van portefeuille. Daarnaast hield hij contact veel contact met het maatschappelijk leven, inwoners, verenigingen, vrijwilligers en andere samenwerkingspartners. Zo hield hij tot op de dag van vandaag plezier in het wethouderschap in Laarbeek en werd hij door de inwoners gewaardeerd. Maar na 20 jaar houdt een van de langst zittende wethouders van ons land er toch mee op.
Door Wim Poels
Weten wat er speelt, dat is essentieel voor een wethouder. Dat betekent in contact staan met de inwoners. “Samen met een onafhankelijk persoon van de Wmo-adviesraad ga ik bijvoorbeeld regelmatig op de koffie bij een inwoner die via de gemeente een zorgvraag heeft lopen. In de Wmo, de jeugdzorg of participatie. We zijn benieuw naar hoe deze mensen de zorg ervaren en hoe ze vinden dat wij als gemeente functioneren. Dat helpt ons om ons te ontwikkelen en dicht bij onze inwoners te blijven staan. Die gesprekken zijn niet bedoeld om zaken inhoudelijk op te lossen, maar als je iets schrijnends hoort of dezelfde klacht komt vaker terug dan moet je er natuurlijk wel iets mee.”
Het stond bepaald niet in de sterren geschreven dat Joan Briels wethouder zou worden. In 2006 maakte zijn partij De Werkgroep een sprongetje van twee naar vier zetels. “Er werd onderhandeld met drie partijen, wij zouden met Sjef Knoop een wethouder leveren. Maar met de derde partij kwamen ze er niet uit en we kregen een tweede wethouder. Als nummer 2 op de lijst werd ik gebeld en kreeg 24 uur om te beslissen.”
Een kans om wethouder te worden komt niet vaak voorbij. “Ik had het prima naar mijn zin in de psychiatrische jeugdzorg. Als ik wethouder zou worden, zou ik misschien spijt krijgen. Maar als ik het niet zou doen, zou ik zéker spijt krijgen. Dus heb ik ja gezegd.”
Die spijt is nooit gekomen. “Ik denk dat ieder mens ertoe wil doen. In mijn geval wilde ik er zijn voor de gemeenschap, voor de inwoners. En dat heb ik met al mijn inzet gedaan. Andere mensen houden het misschien kleiner. Ze zetten zich in als bijvoorbeeld vrijwilliger of mantelzorger. Er zijn voor een ander, op wat voor manier dan ook, is even waardevol. Je moet doen wat bij je past.”
Dat Briels er niet zuiver voor zichzelf zat, blijkt ook uit de hoogtepunten die hij noemt. Die komen helemaal of deels voort uit initiatieven van inwoners. Hij vond het mooi WiSH te zien groeien. Dragon’s Den was een geweldig initiatief. “We hebben er Snoeperij Jantje aan overgehouden.” En ook de vier Gezondheidsraces roepen mooie herinneringen op. “De vier Laarbeekse kernen streden om de titel ‘gezondste kern van Laarbeek’. We hadden een manier gevonden waarbij we initiatieven van inwoners rondom gezondheid financieel konden ondersteunen. Als wethouder heb ik me er vooral voor ingezet om deze manier van werken door de raad te krijgen. Voor hen was het spannend om geld beschikbaar te stellen voor nog onbekende initiatieven van anderen.”
Het trok nationaal de aandacht en ik werd zelfs ‘meest invloedrijke bestuurder in de publieke gezondheid’. Daar stond ik dan op dat podium, terwijl alle inzet en credits gingen naar onze inwoners en ambtenaren die dit mogelijk hadden gemaakt. Daarom heb ik een aantal van hen ook gevraagd om mee naar de uitreiking te gaan. Deze was niet voor mij, maar voor ons allemaal.”
En nee, het was niet altijd leuk. Een dieptepunt was de bestuurscrisis van 2014, waarbij grootste partij PNL buiten de coalitie werd gehouden en alle andere fracties samen een coalitie vormden. “Alles wat je doet, doe je met de kennis van dat moment. We waren in een situatie beland waarin niemand wilde zitten. De kunst was om er samen ook weer uit te komen. Uitleg geven in elkaars inzichten helpt dan heel erg. Je hoeft het niet met elkaar eens te zijn, maar praten helpt om elkaar wel vast te houden, ook in moeilijke tijden. Ik ben er trots op hoe we er samen uit zijn gekomen door te blijven communiceren met elkaar.”
Wat de toekomst gaat brengen, weet Briels nog niet. “Ik geef nu al debattrainingen en blijf dat doen. Verder ben ik verbonden aan het Kennispunt Lokale Partijen. Landelijke partijen hebben een opleiding voor raadsleden, het kennispunt wil dat brengen voor lokale partijen van links tot rechts. Ik sta open voor andere uitdagingen, bijvoorbeeld een wethouderschap in een andere gemeente, om mijn bestuurlijke ervaring daar nog een keer in te zetten.”
Wat Laarbeek betreft hoopt hij dat Ron van den Berkmortel en Monika Slaets wethouder kunnen blijven. “Continuïteit is belangrijk. Al hadden we soms andere standpunten en ideeën, we hadden de wil om samen te werken. Dat maakte ons een goede combinatie van wethouders.”
Het liefst zou hij natuurlijk zien dat ook De Werkgroep weer een wethouder mag leveren. Een advies voor die opvolger is in ieder geval dat hij of zij zich niet gek moet laten maken door sociale media. “Je moet als wethouder weten wat er speelt. Naast social media zijn er andere manieren om met inwoners en samenleving in contact te staan. Oprecht zien en weten wat er speelt is de basis. Want zoals ik al zei: Ieder mens wil ertoe doen.”