Afbeelding
Marcel van de Kerkhof (B&D)

Goed geworteld in Beek en Donk; Tarek Abousadda

· leestijd 2 minuten Human Interest

De Syrische Nederlander Tarek Abousadda vertelt in dit interview openhartig over: het kappersvak, zijn komst naar Nederland, zijn inburgering, zijn succesverhaal. En dat alles in redelijk goed Nederlands, maar overgoten met een aanstekelijk Syrisch accentje.

Tarek Is 52 jaar oud en gevlucht vanuit Syrië. Hij woont sinds 2018 in Beek en Donk. Na zes maanden cursussen volgen, slaagde Tarek voor zijn inburgeringsexamen. Een jaar na aankomst in Nederland opende Tarek al zijn eerste kapsalon in Beek en Donk. Later gevolgd door een vestiging in Aarle-Rixtel, die is inmiddels gestopt. 

Taal
“Nederlands blijft voor mij nog steeds een moeilijke taal”, zucht hij. “Vooral grammatica, schrijven, spreken! Wat ook raar is? Mensen hier op het plein, spreken mij in het Engels aan. Ze vragen me bijvoorbeeld de weg. Ze gaan ervan uit dat iemand met een buitenlands uiterlijk de Nederlandse taal wel niet machtig zal zijn. Ik antwoord dan expres in het Nederlands. Moet je ze dan zien kijken!”, lacht Tarik. Daarbij voegt hij trots toe: “Mijn vrouw Rania Al-Hanawi beheerst de Nederlandse taal juist uitstekend. Ze helpt me altijd om mijn Nederlands te verbeteren.”

Gevlucht 
Details over zijn vlucht wil Tarek niet met DeMooiLaarbeekKrant delen. “Ik mis mijn familie in Syrië”, bekent hij. “En de toestand in Syrië is ook nu, nog verre van rooskleurig. Laten we het daar bij houden.”

Nederland
‘Waarom koos je, juist voor Nederland?’, wil DeMooiLaarbeekKrant weten. Het antwoord is opmerkelijk: ”Vanwege het Nederlandse elftal”, lacht Tarek. “Ik was een bewonderaar van het Nederlandse Elftal dat in 1988 Europees kampioen werd, met spelers als Marco van Basten, Ruud Gullit, Ronald Koeman en eh ene Ricardo…(?). Die gekte die heel Nederland toen oranje kleurde! Nederlanders zijn dan echt te gekke, enthousiaste mensen! Er is altijd wat te doen hier! Daar hou ik van!”

Genuanceerd 
Zijn kijk op Nederland is inmiddels wel genuanceerder. “Bureaucratie maakt hier veel kapot”, zucht hij. “Leuke ontwikkelingen komen soms niet van de grond, of het gaat maar heel langzaam. Regeltjes, regeltjes! Papier, papier!”

Het kappersvak
Tarek zit al 26 jaar in het kappersvak. Hij geeft les op de kappersopleiding en begeleid stagiaires in zijn kapsalon. Tarek benadrukt: “Ik zal nooit vergeten dat mijn vrouw Rania Al-Hanawi mijn grootste steun was bij het openen van deze kapsalon. Zonder haar steun, was dit succes niet zo snel mogelijk geweest.” Tarek geniet van het contact met mensen: “Ik zal nooit vergeten hoe ik in coronatijd gebeld werd door een klant. Hij wilde mij 200 euro vooraf betalen, voor tien knipbeurten. Ik stribbelde tegen. Hij stond erop dat ik dat geld zou aannemen. “Jij moet in deze tijd ook een boterham hebben”, zei hij. “Hij werd een vaste klant en mijn beste vriend voor het leven.”

“Er is wel degelijk verschil tussen een Syrische - en Nederlandse kapper”, zo gaat Tarek verder. “Een Syrische kapper beschikt ook over barbiersvaardigheden, zoals scheren met het mes. Maar ook epileren met een touwtje en harsen.”

Goed geworteld in Beek en Donk
‘Goed geworteld in Beek en Donk, Tarek?’, wil DeMooiLaarbeekKrant weten. “Ik heb het hier uitstekend naar mijn zin, maar…“, zo is het verrassende antwoord. “Als de toestand in Syrie veilig is, wil ik ooit terug. Het blijft toch mijn vaderland. Het enige wat me tegenhoudt is mijn dochter. Voor haar zou Syrië een volkomen vreemd land zijn. Zij zou er een moeilijke toekomst tegemoet gaan. Dat kan ik haar niet aandoen.”