
De kunst van het loslaten
· leestijd 1 minuut Nieuws ColumnMet deze hitte is de koelte van de supermarkt een verademing. Ik vond het niet erg dat ik er werd aangesproken. Na het weerpraatje en het gebruikelijke ‘hoe-ist met jou?’ moest ze kwijt dat haar zoon, vader van drie kleintjes, alleen met vrijgezelle vrienden op vakantie ging. ‘Ik maak me daar vreselijke zorgen om, dat kan toch alleen maar fout gaan?’ ‘Laat los, laat los’ zei ik, om meteen te denken: hoor wie het zegt. Je bent zelf altijd net zo erg geweest.
Vooral toen onze jongste nog thuis woonde, kon ik er ook wat van. Wanneer hij in het weekend op stap ging, kwam hij bij voorbaat al grinnikend op me af. Met zijn meest zorgelijke gezicht en een stem die op de mijne moest lijken zei hij: ‘Veel plezier jongen, maar drink vanavond nou toch eens niet zoveel bier!’ Er achteraan: ‘och moederke, ik weet da ‘ge ‘t goed bedoelt, maar ik weet echt wel wat ik doe’.
Eenmaal uit huis had ik nog steeds moeite met ‘m helemaal los te laten. Het is een wonder dat ik nog een tong heb, want wat heb ik daar veel op gebeten. Ik vond dat hij wat gezonder moest eten en vaker thuis bij zijn vriendin moest zijn. Fout. Ik heb daar helemaal niks meer over te zeggen. Het was zo fijn dat onze ouders zich nergens meer mee bemoeiden wanneer wij uit huis gingen. Zo wilde ik het ook, maar wat kostte dat veel kruim.
Ergens is het helemaal niet zo gek. Tot de bevalling is die kleine helemaal alleen van jou, veilig bij jou. Dan komt die overweldigende geboorte, zo bijzonder, sciencefiction is er niks bij. Dan begint wel meteen het eerste loslaten, terwijl je het overal voor wil beschermen. Het liefst in een klein tasje overal mee naartoe nemen. Net zo goed ook nog als ze achttien zijn. Of voor mijn part dertig. Terwijl ze zelf allang weten wat ze willen. Maar ja, jij als moeder denkt toch beter te weten wat goed voor je kind is.
Tegenwoordig gaat het me redelijk goed af vooral een vangnet te zijn voor van alles en nog wat. Niet meer bemoeien met hoe ze hun leven en dat van hun kinderen inrichten. Alleen advies geven als ze daar om vragen en hooguit een keer een tip. C’est ça!
Dat geeft rust en tijd om te oogsten wat je gezaaid hebt.










