
Strooizout op je auto: zo voorkom je schade in de winter
· leestijd 2 minuten Zakelijk-nieuws-landelijkZodra er vorst of sneeuw wordt verwacht, gaan de strooiwagens de weg op. Het zout dat ze achterlaten komt via opspattend water op je auto terecht en blijft daar zitten tot je het wegspoelt. Regelmatig wassen is in de winter daarom geen luxe, maar onderhoud. Zoutresten trekken vocht aan, en op plekken waar de lak beschadigd is kan daardoor roest ontstaan.
Waarom zout meer kwaad doet dan gewoon vuil
Strooizout lost op in water en kruipt zo in naden en randen van de carrosserie. Daar blijft het zitten, ook als de auto er aan de buitenkant weer schoon uitziet. Omdat zout vocht vasthoudt, blijft het metaal op die plekken langer nat dan normaal.
Dat wordt een probleem waar de laklaag niet meer gaaf is, bijvoorbeeld door steenslag. Op zo’n beschadigde plek kan corrosie beginnen. In dat geval zie je er eerst niets van, maar verschijnen er later blaasjes in de lak. Herstel daarvan is werk voor een spuiter en dat maakt een overgeslagen wasbeurt achteraf een dure besparing.
De onderzijde van de auto vangt het meeste opspattende pekelwater, het mengsel van smeltwater en opgelost strooizout. Juist daar kijk je zelf zelden. Veel wasstraten bieden een programma met onderbodemreiniging, zodat ook wielkasten en dorpels worden schoongespoeld.
Hoe vaak je de auto in een strooiperiode wast
Een vaste frequentie is lastig te geven, want die hangt af van hoeveel je rijdt en of er daadwerkelijk gestrooid is. De vuistregel is simpel: hoe langer zout op de auto zit, hoe meer tijd vocht krijgt om beschadigde plekken in de lak aan te tasten. Na een periode met gladheid en veel ritten is een wasbeurt dus verstandig, ook als de auto er nog redelijk schoon uitziet.
Wacht ook niet tot het voorjaar met de eerste grondige wasbeurt. Wie de hele winter doorrijdt zonder te wassen, geeft zoutresten maandenlang de tijd om vocht vast te houden op plekken die je niet ziet.
Wasstraat of zelf wassen bij koud weer
Bij lage temperaturen is de wasstraat de praktische keuze. Zelf wassen op de oprit is bij vorst lastig, omdat het water op de auto kan bevriezen en de bestrating spekglad kan maken. Daarnaast gelden in veel gemeenten regels voor wassen op straat, omdat waswater met zeep niet zomaar het riool of de bodem in mag.
Er speelt nog iets anders mee. Winterse aanslag bevat naast zout ook zand en ander schurend vuil. Ga je daar zelf met een spons overheen zonder eerst goed voor te spoelen, dan wrijf je dat vuil over de lak en kunnen er krassen ontstaan. In een wasstraat wordt het vuil doorgaans eerst losgeweekt en weggespoeld voordat er iets de lak raakt.
Kies een wasstraat op je vaste route
In de winter telt vooral dat een wasbeurt weinig moeite kost, anders stel je hem steeds uit. Een locatie langs je dagelijkse route helpt daarbij. Veel forenzen rijden bijvoorbeeld over de A6 bij Almere of door de regio Rotterdam, waar bij gladheid volop gestrooid wordt. Pendel je over de A6, dan is de Wasstraat Almere van Loogman een logische tussenstop na een week pekelritten. Rijd je vooral in de Rijnmond, dan kun je op dezelfde manier terecht bij de Wasstraat Rotterdam.
Waar je na de wasbeurt op let
Na het wassen bij vriezend weer kunnen portierrubbers vastvriezen aan de carrosserie. Een dun laagje rubberonderhoudsmiddel op de randen voorkomt dat, zodat je de volgende ochtend gewoon instapt.
Gebruik het moment ook om de lak na te lopen. Schoon plaatwerk laat steenslagschade goed zien, en juist die plekjes zijn in de winter kwetsbaar voor zout. Een kleine beschadiging kun je met een lakstift bijwerken, zodat roest er geen kans krijgt.
Maak van de winterwasbeurt ten slotte een vaste gewoonte door hem te koppelen aan iets wat je toch al doet, zoals tanken of laden. Zo houd je de auto zonder extra planning schoon en geef je roest de hele winter zo min mogelijk kans.











